Pedagogische Civil Society (PCS) en kinderwijkraden

De steun van de sociale omgeving is door de toegenomen individualisering en het wegvallen van traditionele structuren sterk afgenomen. Ouders staan er veelal alleen voor en doen met opvoedingsproblemen een steeds groter beroep op professionele hulp. Een pedagogische civil society (PCS) tracht via de familie, netwerken, buurtorganisaties en school de draagkracht en zelfredzaamheid van gezinnen te versterken. Wat is precies de gedachte achter PCS en zitten de kinderwijkraden op hetzelfde spoor?

Traditionele structuren weggevallen

Ouders weten wat ze belangrijk vinden en besteden meer tijd dan ooit aan hun kinderen, die tot de gelukkigste ter wereld behoren. Maar toch zijn die ouders onzeker. Hoewel er niet meer of ernstiger opvoedingsproblemen zijn dan vroeger, doen ouders tegenwoordig met relatief simpele opvoedingsproblemen snel een beroep op professionele hulp. Sinds 2000 is de ambulante jeugdzorg dan ook explosief gegroeid.

Traditionele structuren waar mensen elkaar ontmoeten en steunen – zoals kerk, noaberschap (burenhulp) en verenigingsleven, maar ook kleinschalige buurtvoorzieningen – zijn in de afgelopen decennia grotendeels verdwenen. De huidige samenleving is sterk geïndividualiseerd en ouders hebben meer persoonlijke vrijheid, maar zijn tegelijk minder sociaal ingebed. Kinderen opvoeden – sinds mensenheugenis een taak van de stam – is tegenwoordig in de heersende opvatting een verantwoordelijkheid van alleen de ouders. Omdat de pedagogische kracht van de sociale omgeving goeddeels is weggevallen, is opvoeden een gezinsaangelegenheid geworden. Opvoedingsproblemen worden vanuit de overheid beschouwd als individuele problemen die al snel gespecialiseerde zorg vereisen (het zogenaamde At Risk model).

De laatste jaren is er meer aandacht voor het versterken van de opvoedomgeving van kinderen, door het stimuleren en versterken van sociale netwerken en steunstructuren in de thuissituatie, op school en in de vrije tijd. Naast ouders worden ook andere volwassenen betrokken bij het opvoeden en opgroeien van kinderen. Het aldus betrekken van de buurt, familie, kennissen en school vergroot de draagkracht van gezinnen en helpt opvoedingsproblemen voorkomen dan wel oplossen – zonder dure specialistische zorg. Deze sociale context rond opvoeden wordt aangeduid als ‘pedagogische civil society’.

Hw2ConnectVan nature op verbinden ingesteld

Het idee van de pedagogische civil society dat het opvoeden en opgroeien van kinderen weer een gedeelde verantwoordelijkheid van burgers hoort te zijn grijpt niet alleen terug op het aloude Afrikaanse gezegde It takes a village to raise a child, maar ook op recente wetenschappelijke inzichten. Het rapport Hardwired to connect uit 2003 concludeert dat verbinden van nature in de mens is ingebouwd, zowel voor verbinding met anderen (van ouders naar familie en bredere gemeenschap) als voor verbinding met betekenissen, normen en doelen. De bedrading is aanwezig, maar de verbindingen moeten nog wel gelegd worden. Kinderen hebben andere mensen nodig die hen het goede voorbeeld geven in het aangaan van duurzame sociale verbindingen. Die anderen geven door wat het betekent om een goed mens te zijn en wat een goed leven is.

Om gezond en evenwichtig op te kunnen groeien zijn verschillende groepen anderen nodig, in eerste instantie de ouders/verzorgers, maar daarnaast ook familie, buren, de buurt, de school, de sportvereniging, enz. Ze zijn met elkaar verbonden en geven waarden, normen en ideeën door. Deze zogenaamde autoritatieve groepen zijn idealiter divers van samenstelling, met name qua leeftijd (multigenerationeel) en geven kinderen wat ze nodig hebben: aandacht, warmte en ondersteuning en het gevoel dat ze erbij horen, maar ook sturing en grenzen. Het versterken van autoritatieve groepen creëert de voedingsbodem voor een gezonder opvoeding. Civil society onderzoeker Bob Horjus vat PCS dan ook samen als de samenleving als hoeksteen van het gezin.

Van at risk naar positief jeugdbeleid

In het overheidsbeleid is inmiddels een transitie in gang gezet naar het versterken van burgerschap en de kracht van de lokale gemeenschap, o.a. met de invoering van de Wmo in 2007. Het jeugd- en gezinsbeleid moet niet focussen op individuele problemen en risico’s, maar op een gunstiger opgroeiklimaat voor alle kinderen. Om het gewone opvoeden en opgroeien te versterken is positief jeugdbeleid nodig, gebaseerd op het versterken en benutten van de eigen kracht van jeugdigen, ouders en gezinnen. Daarvoor is een rijke sociale omgeving nodig, een gunstig opgroei- en opvoedklimaat, waarin meer volwassenen belangstelling hebben voor de ontwikkeling en opvoeding van kinderen. Dat vraagt om een nieuwe balans tussen individu en gemeenschap, positief (mede)opvoederschap waarvan het stimuleren van onderlinge sociale betrokkenheid en steun een vanzelfsprekend onderdeel uitmaakt. Met andere woorden: het versterken van een pedagogische civil society. Een PCS vormt de basislaag voor opvoeding en ontwikkeling, en tegelijk een beschermde laag die risicofactoren kan reduceren.

empowermentPCS en Kinderwijkraden

Een pedagogische civil society betekent het mobiliseren van de pedagogische kracht van de sociale omgeving.  Die kracht is verbonden met begrippen als gemeenschapsdenken, democratie (kernwaarden) en actief burgerschap, sociaal kapitaal, participatie (sense of control), veerkracht, sociale cohesie, empowerment, zelfredzaamheid, positieve doelen (sense of purpose), enz.
Een civil society is primair een zaak van burgers; een informeel verbonden gemeenschap (maatschappelijk middenveld). De formele instituties (gemeenten, onderwijs, jeugdzorg) kunnen die faciliteren en er zelf deel van uitmaken.

Hoogleraar Pedagogiek Mischa de Winter pleit naast positief jeugdbeleid ook voor democratie-opvoeding in het onderwijs. Het bevorderen van democratisch burgerschap zou een integraal onderdeel van het onderwijsprogramma moeten zijn, omdat het opvoeden van kinderen tot democratische persoonlijkheden een algemeen belang is. De Winter pleit voor een autoritatieve opvoeding waarbij hij het gezin en de school ziet als een mini-democratie.

Onderwijs in burgerschap en democratie vormt ook de basis van de Kinderwijkraden. Die basis ligt binnen de scholen, maar de Kinderwijkraden zelf zijn boven- en buitenschools. Het zijn geen schoolleerlingenraden of kindergemeenteraden, maar kinderwijkraden (vergelijk mini-democratie, village, buurt). Het zijn informele broedplaatsen voor het vergroten van sociaal kapitaal. Voor het realiseren van de democratisch gekozen doelen worden verbindingen gelegd met onderwijs (basisscholen), gemeente (wethouder, wijkagent, reinigingsdienst, e.d.), wijkorganisaties (welzijn, buurtbewoners), middenstand (sponsors) en burgers (ouders, vrijwilligers, medeleerlingen). De leerdoelen voor de lessen en de Kinderwijkraden komen naadloos overeen met de doelen van de pedagogische civil society.

CSladder
de civil society ladder beklimmen begint met ontmoeten en dialoog (prezi Bob Horjus)

PCS en Kinderwijkraden willen kinderen laten ervaren wat democratie betekent, dat ze deel uitmaken van een groep, dat ze worden gezien en gehoord, dat het belangrijk is dat ze rekening houden met anderen en hoe ze samen resultaten kunnen bereiken.
De Kinderwijkraden zijn daarbij specifiek gericht op achterstandswijken, omdat juist voor kinderen die in armoede leven het vergroten van hun sociaal kapitaal ze vooruit kan helpen.

 

Meer over pedagogische civil society

  • Theoretische verkenning. Kesselring, MC, 2010.
  • Pedagogische civil society voor beginners. Hoe professionals en vrijwilligers goed kunnen samenwerken rond jeugd en gezin. Marian van der Klein, Diane Bulsink, Renske van der Gaag. Verwey-Jonker Instituut, Utrecht 2012.
  • Hardwired To Connect: The New Scientific Case For Authoritative Communities. Commission on Children at Risk, 2003. (rapport door toonaangevende kinderartsen, onderzoekers, civil society experts en jeugdzorg professionals o.l.v. Dr. Kathleen Kovner Kline van de Dartmouth Medical School in de VS)
  • Verbeter de wereld, begin bij de opvoeding. Vanachter de voordeur naar democratie en verbinding. Micha de Winter. SWP, 2013.
  • Bob Horjus. Sociaal Kapitaal en PCS (presentatie voor Kansfonds). Universiteit Utrecht, 2016.
Facebooktwittergoogle_plusmail